Boek

Prof, de biografie van Kees Rijvers

Kees Rijvers ken je misschien vooral als bondscoach en Brabander. Of als die kleine man met die pet. Maar wist je dat hij ook één van de eerste Nederlandse profvoetballers is? En dat hij nog nooit in zijn leven heeft geklaverjast?

kees rijvers thuis

Kees Rijvers: voetballer, bondscoach én opa

Natuurlijk wist ik dat Kees Rijvers ooit een beroemde voetballer was. En dat hij als trainer met FC Twente en PSV veel had bereikt.
 
Ik wist ook dat hij begin jaren tachtig bondscoach was. In die periode werd ik zelf geboren. Er zijn foto’s waarop hij mij, een roze baby met dezelfde licht uitstaande oren als hij, gewikkeld in een zacht dekentje in zijn armen heeft. Dolgelukkig kijkt hij naar me, liefdevol.
 
Opnieuw een kleindochter erbij. De derde alweer.

Dat het toen helemaal niet zo goed met hem ging, wist ik op dat moment natuurlijk niet.
 
Een paar maanden voor mijn geboorte werd het Nederlands elftal uitgeschakeld voor het WK van 1982, door op 18 november 1981 in Parijs met 2-0 te verliezen van Frankrijk. Kees worstelde met zijn selectie, moest keuzes maken.
 
De oude garde (Johan Neeskens, Johnny Rep, etc.) kwam niet meer goed mee. De nieuwe aanwas (Ruud Gullit, Marco van Basten, etc.) was eigenlijk nog niet klaar voor het grote werk. Tieners waren het. Die vooral opkeken tegen Johan Cruijff.
 
Zou hij het daar hebben bedacht, toen hij mij zo voorzichtig heen en weer wiegde? Dat hij Cruijff een brief zou gaan schrijven om hem nog één keer te vragen terug te keren bij Oranje?
 

Vast niet, maar de brief aan Cruijff ging zo’n twee weken nadat zijn derde kleindochter werd geboren, op de post.

Waarom ik een boek over Kees Rijvers schreef

boek kees rijvers
Ik heb altijd geweten dat mijn opa bekend was vanwege het voetbal. Toch heb ik hem nooit anders gezien dan gewoon mijn opa.
 
Een opa die me leerde hoe je het kontje van een stokbrood met zoveel mogelijk boter en suiker kon vullen. En een opa die mij leerde kaarten (hoe ironisch dit was, zou ik pas veel later ontdekken).
 
 
Vanaf dat moment zag ik ineens ook een schat aan verhalen. Verhalen die hij nog nooit tegen iemand had verteld. Over bloeddoping, matchfixing en opgejaagd worden door de belastingdienst.
 
Maar ook over de drang om te voetballen en over hoe het voelt om thuis op de bank te zitten terwijl in Frankrijk een EK wordt gespeeld waar je eigenlijk bij had willen zijn. Het jaar 1984 leek daarin verdacht veel op 2016.

Het is hem in zijn leven vaak gevraagd door andere journalisten. Of ze zijn biografie mochten schrijven. Steeds weer zei hij ‘nee’. Hij had er geen zin in. Zijn voetbalcarrière lag ver achter hem. Hij had het afgesloten.
 
Om dat allemaal weer op te moeten rakelen? Nee, daar zat hij niet op te wachten.
 
Dat was ook het antwoord dat ik zelf kreeg, toen ik het hem voor het eerst vroeg. ‘Hoeft van mij niet zo’, zei hij. De tweede keer vroeg hij waarom ik dat dan nodig vond. De derde keer zei hij dat hij er eens over na zou denken. En de vierde keer antwoordde hij: ‘Nou misschien, maar dan mag je het pas uitbrengen na mijn dood.’

Na vijf keer vragen stemde hij eindelijk in.
 
Ik wist het uit te onderhandelen tot verschijning rond zijn negentigste verjaardag in mei 2016. Op het Franse eiland Île d’Oléron, waar hij en zijn vrouw Annie toen nog woonden, drukte ik in oktober 2012 voor het eerst het knopje van de voicerecorder in.
 

Er zouden uiteindelijk nog elf lange interviews met hem en tientallen gesprekken met anderen (dochters, oud-spelers, collega’s en sportjournalisten) volgen.

Van Kees Rijvers naar monsieur Riesjvers

‘In Nederland hebben ze mijn beste voetbal nooit gezien’, benadrukte hij regelmatig gedurende die interviews.
 
Kees vertrok in 1950 samen met zijn vrouw Annie op 24-jarige leeftijd noodgedwongen naar Frankrijk, omdat de KNVB profvoetbal hier halsstarrig bleef verbieden.
 
Hij werd vanwege zijn vertrek meteen uit het Nederlands elftal gezet, waardoor hij als voetballer relatief weinig in eigen land heeft gespeeld. In Frankrijk ontwikkelde hij zich onder veel betere trainingsomstandigheden razendsnel.
 
In 1957 leverde hem dat zelfs de titel Speler van het Jaar op. Het effect daarvan, is in Frankrijk nog altijd goed merkbaar.
 
In september 2015 bezochten we samen Saint-Étienne, waar zijn profcarrière begon. Al had hij inmiddels de leeftijd van 89 jaar bereikt, nog altijd stopten mensen hun auto wanneer ze hem in de straten van de Franse mijnwerkersstad passeerden.
 
‘U bent toch een voetballer?’ vroegen ze dan in het Frans. ‘Ja, ja, uit Holland toch? Monsieur Riesjvers!’

Na de invoering van het betaald voetbal keerden Kees en Annie begin jaren zestig weer terug naar Nederland. Als voetballer verdiende je in die tijd lang niet genoeg geld om het daarna zonder financiële zorgen rustig uit te zingen. Zeker niet met een gezin dat bestond uit zes dochters.
 
‘In deze tijd was ik nooit trainer geworden’, bekende Kees tijdens een van onze gesprekken. ‘Maar in mijn tijd moest ik wel trainer worden, omdat ik werk nodig had.’

Johan Cruijff kwam niet terug

Hij kon niet altijd even goed overweg met journalisten die (volgens hem) ‘vervelende vragen’ stelden.
 
‘Ik sprak niet graag met journalisten die het spel en de spelers niet doorzagen’, was zijn uitleg. ‘Het kunnen best aardige journalisten zijn geweest, maar ze konden beter over iets anders gaan schrijven. Biljarten of tennis of zo.’
 
Toch bleek hij verder best goed te zijn in het uitleggen van het spelletje, het smeden van een sterk team en het laten ontwaken van jong talent. De opkomst van FC Twente dat zich eind jaren zestig stevig mengde in de strijd om de landstitel en de vele titels van PSV zijn daar het bewijs van.
 
In 1981 belandde hij zelfs op de stoel van de bondscoach. Met de successen van de jaren zeventig nog vers in het geheugen en een heel land dat hem op de vingers keek, verliep dat minder soepel. Wat had hij graag gezien dat Cruijff ‘ja’ had gezegd op zijn uitnodiging. Maar de brief die hij aan Cruijff stuurde, werd niet beantwoord.
 
Nederland miste het WK van 1982 en ook het EK van 1984 ging aan Oranje voorbij.
 
Vooral dat laatste, kwam hard aan.

Het was tijdens een fietstocht met zijn derde kleindochter in november 1984 dat hij besloot zo niet langer verder te kunnen.
 
Ik kan het me niet herinneren. Ik kan me ook niet voorstellen dat ik op tweejarige leeftijd enige invloed heb gehad op die beslissing.
 
Maar na alle gesprekken met Kees en Annie, vele interviews met anderen, maanden van research in archieven en verschillende reizen naar de plekken waar hij zijn sporen heeft achtergelaten, begrijp ik zijn beslissing wel. En snap ik ook hoeveel pijn dat gedaan moet hebben.
 

Want hij wilde de klus zo graag zelf afmaken.

boek kees rijvers

Familieband

Schrijver of kleindochter?

Kees Rijvers is niet alleen één van de eerste Nederlandse profvoetballers, ex-trainer van FC Twente en PSV én oud-bondscoach van het Nederlands elftal. Hij is ook mijn opa.

Natuurlijk heb ik me afgevraagd of ik als kleindochter wel een goed boek over hem kon schrijven. Vooral de vraag of ik dat eigenlijk wel wilde, als journalist tegenover mijn opa zitten, heb ik mezelf vooraf gesteld.

Maar tegen andere journalisten die zijn biografie wilden schrijven, zei hij steeds weer nee. En het leek me zonde als zijn bijzondere leven daardoor niet vastgelegd zou worden.

Uiteindelijk kon ik niet voorkomen dat ik op een cruciaal moment in zijn carrière zelf ook in het boek voorkom, maar als je wilt weten hoe dat zit, moet je het maar gewoon lezen.

Portretfoto’s: Marcel Krijger

Boek bestellen?

Wat deed de bondscoach tijdens Spanje – Malta (12-1) in december 1983 bij de buren?

Waarom was de watersnoodwedstrijd van 12 maart 1953 zo belangrijk voor de ontwikkeling van het Nederlandse voetbal?

Hoe bracht Kees Rijvers FC Twente en PSV naar de top? En waarom lukte dat niet met het Nederlands elftal?

Dat en nog veel meer lees je allemaal in Prof, de biografie van Kees Rijvers, die inmiddels een tweede druk kreeg.

Je kunt het boek voor €14,95 (excl. verzendkosten) via het formulier bestellen. Dan stuur ik het z.s.m. op!

Scroll naar top